Test

Test!

(Huh? Waarom is na de update ineens alles anders? Het zal wel weer iets zijn met oude- en geüpgrade instellingen)

Tjees. Mooi ruk.

(Nou ja, liever gezond dan technisch)

Kakzooi.

Komteenkleinmeisjebijdedokter.nl is (al) even read only. Min of meer. Ja, min.

Posted in WEBLOG | 1 Comment

Een jaar later

Het begin van jaar twee.

“Ik ben niet snel bang, weet je. En ik ben het nu ook niet, dat moet je geloven. Maar ik houd rekening met het ergste. Da’s wel zo verstandig…”

23 november 2010. De eerste dag van de laatste chemodriedaagse. Nu, een jaar later. De vierde nacontrole. Of, een jaar na einde behandeling. Relatief geluk. Heel erg blij met een goede uitslag. Dus. Super!

Posted in WEBLOG | 5 Comments

Sta Op Reloaded

Oké, sta op, pak pen en schrijf op: 16 november is er weer een live TV-show Sta Op Tegen Kanker. Een herladen versie van vorig jaar, zeg maar. Wordt ongetwijfeld weer een ENORM succes.

En, stel nou, hè, dat iedereen zou opstaan. Wat zou dat betekenen voor de maatschappij?

Posted in WEBLOG | 6 Comments

Nieuw stukje

Er zijn op dit moment meer weblogs in Nederland dan korrels zout in een doorsnee JOZO-fabriek. Iedere Henk of Ingrid kan er eentje starten, en dat gebeurt dus ook. Maar wat was nou mijn beweegreden? Ja, waarom ook alweer?

Het hele idee van dingen van me afschrijven die voor anderen toegankelijk zijn, is was is natuurlijk puur egomaan. Laat ik daar niet al te ingewikkeld over doen. Want iedere Ivo Niehe die over de taalvorderingen van zijn Parijse successen wil bazelen wil uiteindelijk ook bezocht en gelezen en herlezen en gelikt geliked en gelinked en bewonderd worden? Hij wil -in dat enorm ego-gebaseerde weblogwereldje- naam maken.

Als favoriete weblog vermeld staan.
Uitgenodigd worden voor lintjesdoorknipbijeenkomsten.
Zijn log in VOKK’s Attent terugzien.
Verkozen worden tot Blogger van het jaar.
En weer een steeds harder lopend clicktrackertellertje meemaken (oké, ik heb fouten gemaakt in het verleden door mijn site op zwart te zetten en mijn grote twitter plaszak rugzak met volgers te legen. Eigen schuld. Daar kan ik niets meer aan doen, maar dat terzijde.)

Maar waarom, in gods/allah’s/weet-ik-veel-watsnaam?

Weblogbekendheid is een slap aftreksel van roem. Raak zes voor de hand liggende snaren en je bent binnen. Een vijf komma zes op de bepaalde schaal van Beroemd. Tot je de straat op gaat. Want er is geen hond die gillend op je af komt rennen om je te omhelzen en ondertussen ‘je bent geweldig, echt geweldig!’ roept. Je wordt écht niet uitgenodigd door de ouders van kind met kanker om een dagje met ze door te brengen, qua doe-een-wens.

Loggen is eigenlijk een heel berekend soort van exhibitionisme. Als ik écht schreef wat ik dacht zou het hier gezellig druk worden. Maar het zou me waarschijnlijk een baan, relaties, vrienden en een huisdier kosten. Oh nee, wacht…

Ik blijf loggen log denk ik omdat er niet genoeg aandacht kan worden geschonken aan die kankerkanker. Zo weet ik bijvoorbeeld ook niet meer hoe ik hier nou op kwam. Dat heb je wel eens. Zomaar een weblog. Herkenbaar (lees: confronterend). Lastig uit te leggen. Gewoon maar even kijken, dus (én steunen, al is het een euro, dan heeft u in ieder geval een do-goodie gevoel en heeft de Stichting Trib4Bibi weer wat extra’s voor Bibi. Kom op!).

Kankerkanker. Ik kan er een boek vol van schrijven, en ik kan hier een gedeelte weggeven. Uit gezond eigenbelang, zeg maar. En, ach, misschien wil ik stiekem ook wel een bepaalde status bereiken. Misschien ben ik gewoon een Ivo Niehe. Of is dat tegenwoordig not done?

Posted in WEBLOG | 1 Comment

Komt een klein meisje bij het Kinderdagcentrum

Ooit schreef ik een posting met de, al zeg ik het zelf, toepasselijke titel ‘Niets van Groot Geluk’ Daarin schreef ik dat de witte jassenclub had besloten bij mijn kleine meisje een Port-a-Cath te plaatsen, omdat ze een groot aantal chemokuren zou gaan krijgen.

Vanochtend heeft Emilie zich voor een paar uurtjes in het AMC-Kinderdagcentrum laten opsluiten. Waarom ze zoiets doet? Welnu, zo gek is het nu ook weer niet; de Port-a-Cath wordt al een tijdje niet meer gebruikt. En mocht er dus uit. Wat geen huur betaalt moet er uit, dacht de kinderarts-oncoloog en aangezien zo’n PAC toch een band schept, opperde hij het idee om mijn kleine meisje samen met enkele lotgenoten, die net als Emilie ook de F8 Noord-carrièremove hadden gemaakt, dan maar op de guestlist te zetten voor een logeer uitpak uitPAC feestje bij het Kinderdagcentrum (ze waren er al op gekleed, constateerde ik).

Deze ochtend mocht ze het ongenoegen smaken om half zes zowel wakker als nuchter te zijn. Waarom om half acht melden om te worden dagopgenomen? Wat is er mis met een uur of elf? Alsof de kinderoperateur daar zin in heeft, als ie koud wakker is te gaan staan snijden in een driejarige peuter. Om half zes ‘s ochtends hoort mijn kleine meisje in bed te liggen (sowieso is half zes ‘s ochtends een tijdstip waarop het van overheidswege in het kader van de volksgezondheid verboden zou moeten zijn om wakker én nuchter te zijn, behalve als je aan kunt tonen dat je gaat vissen of een krantenwijk hebt. Of bakker bent.) En dan, om verder in de sfeer te komen, ook fijn dat je niets mag eten, terwijl je je maag hoort knorren ten teken dat je verrekt van de honger.

Enfin. Om half acht ging de automatische dubbelvleugelige linksschuivende deur met een zachte klik achter ons dicht. De verpleegafdeling. De operatiekamer. De verkoeverkamer. Allemaal ruimtes waar Emilie een paar uur zou vertoeven. Er kwam een broeder op ons af, in een donkerblauw pac pak uniform. Dat stemde hoopvol. Ik bedoel, als je dan het Kinderdagcentrum ingaat, dan maar goed ook. Helaas was het dan weer niet zo’n ziekenhuis waarbij de verpleegkundigen in een rijtje liepen te dansen, met van die mintgroene maskers voor, een soort van ‘So You Think You Can Dance’ wanna-be’s zoals je die wel eens op You Tube ziet in een dijk van een uiting voor Pink Ribbon. Dat doen verpleegkundigen niet, legde de broeder uit.

Broeder Tuck (hij heet eigenlijk Sueño, maar om redenen van privacy noem ik hem maar even Tuck. Met ck.) was Emilie haar gastbroeder. Zo heet dat in het Kinderdagcentrum. Broeders en zusters zijn net zwarte pieten: zo heb je ook de voorbereidingsbroeder en de uitslaapzuster. Goed. Broeder Tuck slaagde er in mijn kleine meisje te laten lachen. Grappen, grollen, geintjes en tussendoor ook nog Emilie voorbereiden voor de operatie. Weer een held in het kwadraat.

Een kleine drie kwartier later lag mijn kleine meisje met half open mond, een paar milliliter Propofol rijker en een buik vol roze antisepticum ontsmettingsmiddel op de verkoeverkamer. Zittend in die kamer, met mijn dochter, dwaalden mijn gedachten af naar eerdere operaties en de vele bestralingen onder volledige narcose. Totdat mijn kleine meisje langzaam terugkwam. Hallo dan weer. Terug. Drie teinten minder wit, paar gram lichter en vele procentpunten hoger op schalen als Moe, Stress, Irri en Bekijk’teffelekkermetz’nallen. Zou u ook eens moeten doen, verkoeveren, een mens wordt er helemaal zen van.

Maar ik moet zeggen: het heeft wel wat, het PAC-loze leven: op Schiphol bij de veiligheidscontroles niet meer als The Usual Suspects behandeld worden maar gewoon als eerzaam passagier (zouden de beambten daar nu daadwerkelijk hebben gedacht dat ik het lichaam van mijn lieftallige dochter heb volgestouwd met als PAC vermomde explosieven en haar wil opofferen?) met twee benen vooruit dapper voorwaarts. En een nog sterker geloof in m’n boodschap die is gebaseerd op hoop en vertrouwen: er is hoop, want ik heb het.

De Port-a-Cath van Emilie

Port-a-Cath M85390 has left the building.

Posted in WEBLOG | 6 Comments

Geen boek

Dus.

Ik heb er wel eens aan gedacht een boek te schrijven. Met van die papieren en zo’n kaft. Dat je dan in de boekenwinkel staat en tegen iemand naast je kunt zeggen: ‘Hé, iemand, zie je dat boek? Dat is toevallig wel MIJN boek! Kopen, nu! Doe maar. Is goed voor je KiKa.’ Dat je wordt uitgenodigd om over je boek te praten (‘Hoe kwam je eigenlijk op het idee om over je kleine meisje met een zeldzame, zeer agressieve en moeilijk te behandelen vorm van kanker te schrijven?’). Dat je naar het boekenbal mag, en het aan de stok krijgt met een paar studenten omdat ze je relaas toch al op het wereld wijde web hebben gelezen. Dat je in de bibliotheek staat, maar heel vaak ook niet. Dat je steeds mensen tegenkomt die vragen wanneer die opvolger nou komt. Daar heb ik dus wel eens over gedacht.

Maar dat doe ik wel vaker.

Posted in WEBLOG | 9 Comments

Aan mijn 11 bezoekers

Stel nou, hè. Ik zeg: stél…

Stel nou dat ik een beetje zou gaan stoppen hiero.
Nog nooit meer dan 150 volgers.
Nog nooit nog een handjevol bezoekers over. Qua reacties.

Maar da’s logisch.

Veel te veel dagelijks-leven-dingetjes. Onbelangrijk. Trivialiteiten.

Eindeloze weken vol normale gang van zaken-clichés. Komt een klein meisje bij de kapper, op het kinderdagverblijf, bij de slager. Jullie moeten het er maar mee doen.

Ook al flikkert alles om mij heen in elkaar. Verval tot de zoveelste macht.
Fin de siècle, terwijl de siècle nog maar net begonnen is.

Het zal wel nooit meer serieus worden.

Posted in WEBLOG | 29 Comments

De bel gaat

die van de voordeur.

(Het is niet echt een bel, op zich, qua geluid, maar het zet de situatie wel strak neer.)

‘Trriiiiiinggg’

(In werkelijkheid is het meer iets als ‘Diedoedalong, diedoedalong’, maar dat spreekt minder tot de verbeelding.)

Het was iets over zevenen. Ik klom uit de bank, stond op en liep naar de eetkamer, keek door het erkerraam en zag een jonge dame van een jaar of 27. In een kaki regenjas, mooie zwarte broek, witte gympen, kwieke shawl en een prachtige grijns van oor tot oor.

(De waarheid gebiedt me te zeggen dat ik op dat moment grootmoeders appeltaart in stukken stond te snijden en deze door de yoghurt/karnemelk wilde roeren, doch dat zou de situatie al veel te snel onomkeerbaar kleuren.)

Het is weer zover.

‘Knips’

Deed ik het licht aan.

(Dat klopt niet helemaal: het licht wás al aan, en het geluid van de schakelaar komt meer in de buurt van ‘tsjiek’. Maar dat communiceert nu eenmaal minder sterk. Vandaar.)

Tien, twaalf zware passen, en ik stond in de hal. Bij de deur. Hijgend.

(Nog een ogenblik, lezer(es), ik maak van mijn adempauze gebruik om u even mijn huis (dat overigens te koop staat) te beschrijven. Stel u voor: een zogenaamde betere middenstands-woning, gebouwd in de fantasieloze jaren vijftig. Dus een huis waar niets aan te beleven was, ware het niet, dat de bewoner (ik) hem verbouwd had met inzet van heel mijn eigenzinnige geest, daarbij uitdrukking gevend aan de grote rijkdom van mijn gedachtenwereld: foto’s van Wick en Emilie (geknipt uit het zeer bekende en veel gelezen blad Attent), een gelooide koeienvel, artistiek scheef gedrapeerd op een rustieke houten parketvloer – vloer recht, maar in een andere richting – met daarop een loungebank (daarover al eerder meer), een plasmatelevisiemeubel met daarop een iPod met nummers van De Dijk, Kane, Frans Halsema -die ook zo geweldig piano speelde – en vooral podkastjes van 538 Dance Department van Dennis Ruyer, de Grote, de Enige, het Lichtend Voorbeeld op de radio. En dan nog: De Kunst van het Nietsdoen in de Praktijk, een DVD over het ontstaan van de kredietcrisis en de verkwikkende geur van Rituals interieurparfum. Voilà. (einde adempauze)

Daar stond ik dan. Bij de voordeur. Doe ‘m open…

(Maar waaróm ook alweer?)

Posted in WEBLOG | 2 Comments

(Emi)lie(dje)

‘Ze kunne zegguh wat ze wille…
van de ojiefant,
Die heeft de dikste bille van het hele land.
En de gjiràffff…
De allelangste nèèè-èèè-èèk,
En het nijpaard…
heb de allegrooste bèk.
Bèk, bèk.’

Inderdaad. Ik houd van mijn kleine meisje.

Veel.

Posted in WEBLOG | 2 Comments

Yep

Met vlag en wimpel. Dus. #erishoopwantikhebhet

Posted in WEBLOG | 9 Comments